Like ons!
Gelezen | Je lichaam slaat op wat je hoofd (nog) niet aankan

Indespiegel

Gelezen | Je lichaam slaat op wat je hoofd (nog) niet aankan

Ik kwam dit interview met psychiater Prof. dr. Bessel van der Kolk tegen op LinkedIn. Zijn boek Traumasporen staat al een tijdje in mijn kast. Gekocht toen ik stopte met werken in de psychiatrie, omdat ik me er verder in wilde verdiepen. Mij geadviseerd door vrouwen die ik goed ken en die ervaring hebben met trauma en hoe trauma te helen.

Het hebben van een trauma klinkt heftig. Veel mensen denken aan iets psychiatrisch als het woord trauma voorbij komt. Maar ik durf te zeggen dat we allemaal in meer of mindere mate wel een trauma hebben meegemaakt. Pesten en misbruik leiden tot trauma, maar bepaalde normen in een gezin kunnen ook traumatisch zijn. De 'doe-maar-normaal-dan-doe-je-al-gek-genoeg'; een oer-Hollandse uitspraak, is er daar één van. Want staat hier eigenlijk niet; verloochen wat je misschien wil doen, kleur maar binnen de lijntjes, druk je maar niet uit, want dat vinden we gek en spannend?

De kracht van lichaamswerk heb ik aan den lijve mogen ondervinden tijdens mijn coachopleiding en de coaching die ik zelf kreeg. Ik kwam erachter dat er pijn opgeslagen ligt in mijn lijf en door dit te voelen, kan het helen en lost het beetje bij beetje op.

Ik ben cognitief sterk ontwikkeld en als ik iets niet wist, zette ik mijn hoofd aan het werk. Ik analyseerde, verklaarde, probeerde te begrijpen en bedacht soms tientallen scenario’s hoe ik om kon gaan met iets. 

Is dat fout? Nee natuurlijk niet, ik ben doorgaans dolblij met mijn hoofd. Maar ik merkte dat het mij niet bracht waar ik wilde zijn. Namelijk beter in contact met mijzelf en mijn behoeftes. Want ik had geen idee wat ik soms nodig had. Ik zat vaak in de fight-modus en ging voorbij aan waarom ik dat deed. Ik werkte hard, was perfectionistisch, druk en assertief in vergaderingen, rap in opmerkingen en ad rem met grapjes, ik werd gezien als sterk en stoer met flair. Nogmaals, niets mee mis, maar ik ontkende dat mijn lijf intussen verdrietig was dat ik me zo hard opstelde. Ik werd als tiener gepest en leerde algauw dat als ik mij stoer en sterk opstelde, mensen me makkelijker in de omgang vonden en me niet meer kleiner konden maken dan ik was.

Bessel van der Kolk zegt over trauma:

‘Uit hersenonderzoek weten we dat trauma’s kunnen leiden tot veranderingen in de hersenen. Als we schokkende gebeurtenissen meemaken of ons bedreigd voelen, zenden we instinctief signalen uit naar anderen om ons te hulp te schieten. Maar als niemand te hulp schiet of gevaar blijft dreigen, treden oudere hersengebieden in werking: de emotionele hersenen, die uit de zoogdierhersenen en de reptielenhersenen bestaan. Dan blokkeert het talige deel van het brein en schakelen we over op primitievere manieren van overleven: vechten, vluchten of verstijven. Stresshormonen zijn de motor van die reacties. Bij getraumatiseerde kinderen en volwassenen is de stressreactie chronisch geworden. Daardoor raakt het alarmsysteem in de hersenen verkeerd afgesteld.’

En over wat zij doen met kinderen die getraumatiseerd zijn:

‘Het brein is een plastisch orgaan, de hersenen kunnen veranderen door nieuwe ervaringen op te doen, zeker als je jong bent. Dat is hoopvol. Het belangrijkste is om eerst het evenwicht op het diepste niveau te herstellen: door het lichaam te kalmeren. In ons traumacentrum laten we kinderen op een trampoline springen, schommelen, en balanceren op een evenwichtsbalk. We raken ze voorzichtig aan of slaan een deken om hen heen. Wat je dan ziet is wonderbaarlijk. Ze raken vertrouwd met hun lichaam. En als hun lichaam kalmeert, gaat ook hun taalgebruik vooruit. Lichamelijk contact, het elementairste hulpmiddel om te troosten en te kalmeren, is uit de meeste therapieën verbannen. Terwijl juist dat enorm kan helpen om je weer veilig te voelen in je lichaam, om te ervaren dat het gevaar geweken is. Als dat gebeurt, en het stresssysteem van de emotionele hersenen kalmeert, kunnen andere delen van het brein ook weer gezonder functioneren.’

Er gebeurt veel in ons leven dat ons raakt, dat ons van slag brengt, stress en burn-out zijn onderwerpen die ik soms dagelijks voorbij hoor komen. Er over praten helpt, maar wat kunnen we doen om de balans te herstellen?
Ga tekenen, niet om iets moois te maken, maar ga eens zitten en doe wat in je opkomt. Als je je verdrietig of boos voelt? Wat zou je op papier willen zetten?
Ga dansen, doe aan yoga, mediteer of doe een vechtsport, dit leert ons dat we controle over ons lijf en onze gedachten hebben of kunnen krijgen.
Pak een knuffelbaar kussen vast op de bank of wikkel een dekentje strak om je heen als je je onprettig voelt, koester jezelf. Knuffel met iemand of een huisdier.

Bessel van der Kolk noemt ook theater als krachtig middel om met trauma om te gaan.

Inmiddels ben ik ervan overtuigd dat theater getraumatiseerde jongeren een unieke manier biedt om toegang te krijgen tot hun emoties en lichamelijke gewaarwordingen. Ze leren verschillende rollen aan te nemen en te zoeken naar manieren om diepe emoties over te brengen aan het publiek. Liefde en haat, agressie en overgave, loyaliteit en verraad: dat is waar het bij zowel trauma’s als theater om draait. Spelenderwijs verkennen en onderzoeken jongeren zo hun eigen ervaringen, zonder het woord trauma ooit uit te spreken.’

Zelf heeft theater mij ontzettend geholpen. Ik vond het heerlijk om in de rollen die ik speelde mijn eigen pijn en boosheid te leggen. En wat ik zo mooi vond, is dat de mensen in het publiek geraakt werden. Zonder dat zij aan het praten zijn, in therapie zijn of iets moeten met dat wat van binnen schuurt. Zij worden geraakt, het mag er even zijn, het mag even gevoeld worden, omdat het bij een ander hoort, van een ander is. Maar het heelt toch weer een stuk-je en dát vind ik mooi!  

(Foto: Fotografie Miranda Lemmens, volg haar op instagram)

0 reacties

Schrijf een reactie

Om een reactie te kunnen schrijven dien je ingelogd te zijn. Login/Registreer je hier direct!

Populair

Naar boven